Latijn en Grieks.com
Latijn en Grieks.com
Latijn en Grieks.com

Ovidius en Caesar

Tekst 9.8: Caesar verslaat de Galliƫrs

1. De vijanden, door dit alles ertoe gebracht, brachten hun troepen over en stelden op ongunstig terrein een slaglinie op, (en) kwamen nog dichterbij de onzen, nadat dezen zich zelfs van de wal hadden teruggetrokken, en wierpen van alle kanten werptuigen binnen de versterking, en bevalen, nadat rondom de herauten waren uitgezonden, bekend te maken:

2. als iemand, hetzij een Galliƫr, hetzij een Romein, voor het derde uur naar hen wilde overlopen, dan was dat zonder gevaar mogelijk; dat er na dat tijdstip geen gelegenheid zou zijn.

3. en zo(zeer) minachtten zij de onzen dat sommigen begonnen de wal met de hand los te rukken, anderen de grachten begonnen dicht te gooien, omdat ze dachten dat ze daar (door de poorten) niet konden binnendringen, hoewel deze (de poorten) slechts voor de schijn met een enkele laag graszoden waren gebaricadeerd.

4. Nadat er uit alle poorten een uitval was gedaan en de ruiterij was uitgezonden, joeg Caesar toen de vijanden snel op de vlucht, zo dat in het geheel niemand bleef staan om te vechten, en een groot aantal van hen doodde hij en allen noodzaakte hij hun wapens weg te werpen.