2.7b De alces (keuzenmateriaal)
Er zijn ook, die alces genoemd worden. Van hen is de vorm en de bontheid van de vacht volkomen gelijk aan
(dat van een) geit, maar in grootte overtreffen ze (hen) iets en ze zijn verstoken van hoorns en ze hebben poten
zonder verbindingen en gewrichten. Ze gaan niet liggen voor hun rust noch kunnen ze, als ze neer zijn gevallen,
door een of andere oorzaak op de grond gegooid, zich optrekken of oprichten. Zij hebben bomen als bed (lett:
in plaats van bedden): daar leunen ze tegenaan en zo pakken ze rust, een beetje achterover gebogen.