Anabasis I
Categorie: Auteur > Xenophon
Fragment 1: een broedertwist
Dareios en Parusatis kregen 2 kinderen, Artaxerxes was de oudste, en Kuros was de jongste. Toen Dareios ziek was en het einde van zijn leven vermoedde, wilde hij dat beide zonen aanwezig waren.
(Dus) de oudste was toevallig aanwezig, maar hij liet Kuros komen uit de provincie, waarvan hij hem satraap had gemaakt en hij had hem aangesteld als generaal van allen die verzameld werden in de vlakte van Kastolos. Kuros trok dus naar het binnenland met Tissafernes zogezegd als vriend, met 300 soldaten van de Grieken en met als leider van hen Xenias van Parrasia.
Toen Darius gestorven was en Artaxerxes aangesteld was in het koningschap, maakte Tissafernes Kuros verdacht bij zijn broer zeggende dat hij plannen smeedde tegen hem. Hij (Artaxerxes) geloofde hem en nam Kuros gevangen om hem te doden Maar de moeder die hem vrijgepleit had, zond hem opnieuw naar zijn provincie.
Fragment 2: wraakplannen
Toen hij (= Kuros), nadat hij gevaar gelopen had en beledigd was, was weggegaan, maakte hij plannen om nooit meer in de macht te zullen zijn van zijn broer, maar als het kon te zullen regeren in plaats van hem.
Parusatis de moeder steunde Kuros, omdat ze meer van hem hield dan van de heersende Artaxerxes.
Al wie bij hem aankwam van de mensen van de koning, zond hij allen weg nadat hij ze in zo’n toestand had gebracht, (zo)dat ze met hem meer bevriend waren dan met de koning.
(En) hij zorgde ervoor dat de Perzen van bij hem bereid waren oorlog te voeren en welwillend waren jegens hem.
Hij verzamelde de Griekse legermacht zo stiekem als hij maar kon, om de koning zo onvoorbereid mogelijk te grazen te nemen.
Fragment 3: Start van de tocht
(En) aan de soldaten was er soldij van meer dan drie maanden verschuldigd, en dikwijls wanneer ze naar zijn tent gingen (of: door naar zijn tent te gaan), eisten ze het.
Hij hield hen aan het lijntje door hen hoop toe te zeggen en was duidelijk gegriefd, want het was niet van Kuros’ gewoonte om wat hij had niet weg te geven.
Daarna kwam Epuaxa, de vrouw van Suennesis, de koning van Kilikië, bij Kuros aan en zij werd gezegd veel geld aan Kuros gegeven te hebben. (vlot: er werd gezegd dat zij veel geld aan Kuros had gegeven).
Toen gaf Kuros soldij van 4 maanden aan het leger.
De Kilikische (= Epuaxa) had een lijfwacht en bewakers van Kilikië en Aspendos rond zich en er werd gezegd dat Kuros zich ook met de Kilikische verenigd had.
Fragment 4: Grieks machtsvertoon
Kuros inspecteerde dus eerst de barbaren (= Perzen) die voorbijreden opgesteld in cavalerie-en infanterieregimenten. Vervolgens inspecteerde hij de Grieken, terwijl hij voorbijreed op een strijdwagen en de Kilikische in een reiswagen. Ze hadden allen bronzen helmen en purperen wollen onderkleren en scheenplaten en schilden die ze uit hun omhulsel gehaald hadden.
Nadat hij allen had voorbijgereden, liet hij zijn strijdwagen stilstaan voor het midden van de falanx. Nadat hij Pigres de tolk naar de generaals van de Grieken had gezonden, beval hij geheel de falanx de wapens te vellen en aan te vallen. Die gaven dat door aan de soldaten en nadat het trompetgeluid had geklonken vielen ze met gevelde wapens aan. Terwijl ze daaruit sneller naar voor gingen met geschreeuw ontstond een spontane looppas bij de soldaten naar de tenten, en bij de Perzen veel angst.
De Kilikische vluchtte weg in haar reiswagen en nadat ze hun koopwaar verlaten hadden, vluchtten de marktkramers (lett.: de mensen uit de markt). De Grieken gingen met gelach naar de tenten. Nadat de Kilikische de schittering en de discipline van het leger had gezien, was ze verwonderd. Kuros genoot om de angst van de Perzen voor de Grieken te zien (lett.: nadat hij gezien had).
Fragment 5: De redevoering van Klearchos
Daar zijn Kuros en het leger 20 dagen gebleven, want de soldaten weigerden verder te gaan. Ze vermoedden namelijk al dat ze de koning aanvielen. Ze zeiden dat ze daarvoor niet in dienst waren genomen. Eerst probeerde Klearchos zijn eigen soldaten te dwingen verder te gaan, maar ze probeerden hem en zijn lastdieren te treffen toen ze begonnen voort te gaan.
Klearchos ontsnapte er toen ternauwernood aan dat hij gestenigd werd. (Maar) Later, toen hij inzag dat hij niet zou kunnen dwingen, bracht hij een vergadering bijeen van zijn (eigen) soldaten. Eerst weende hij lange tijd terwijl hij stond. Zij die het zagen, waren verwonderd en zwegen. Vervolgens zei hij het volgende:
"Heren soldaten, wees niet verbaasd dat ik de huidige situatie moeilijk verdraag. Want Kuros werd een gastvriend voor me en hij heeft me toen ik uit mijn vaderland vluchtte op de andere vlakken geëerd en tienduizend darieken gegeven. Ik heb die, na ze aangenomen te hebben, niet voor mezelf opzijgelegd, ik heb ze er niet doorgejaagd, maar ik heb ze aan jullie uitgegeven.

(nog niet af