Hoofdstuk 15, tekst A
Categorie: Boek > Pallas > Druk 5: boek 3
De godin Athena komt aan in het huis van Alkinoos. Want zij bekommert zich om de terugkeer van Odysseus.
Vervolgens gaat zij de slaapkamer van Nausikaa, de dochter van Alkinoos in.

Het meisje slaapt, en in haar slaap spoort de godin haar aan. Nausikaa, waarom slaap jij nog en waarom vergeet je de kleding? Alle liggen er vuil bij! Het is nodig dat jij ze wast. Want jij zal niet lang nog een meisje zijn. Want spoedig sta jij op het punt om te trouwen. Want de beste mannen van de Faiaken willen met jou trouwen. Dan is het dus nodig dat de kleren schoon zijn.

s'morgens word Nausikaa wakker en bewonderde ze deze droom. meteen gaat zij naar haar vader en vraagt hem: lieve papa, ik wil de kleren in de rivier wassen. Want het past bij jou om in schone kleren naar de raadsvergadering te gaan, en mijn broers willen altijd in schone kleren dansen. Maar de rivier is ver van de stad. Dus kun je voor mij de wagen gereedmaken?
Met deze woorden overtuigt Nausikaa haar vader: want zij schaamt zich voor haar lieve vader om het huwelijk te noemen.
Hij bergijpt alles en antwoord haar: Mijn kind ik kan dit dus ik doe het.

Ik ben blij dat jij de kleren in de rivier wil wassen maar ga! En zo rijd Nausikaa zelf in de wagen met de kleren naar de rivier: maar de dienaren gaan te voet.
Daar slaapt Odysseus nog in het struikgewas.