Latijn en Grieks.com
Latijn en Grieks.com
Latijn en Grieks.com

Bello Gallico > Boek 1

Tekst 1: Galli√ę en zijn bewoners

Geheel GalliŽ is verdeeld in drie delen, waarvan ťťn deel de Belgen bewonen, en een ander de Aquitani.
Het derde deel bewonen zij, die in hun eigen taal Kelten, en onze taal GalliŽrs worden genoemd.
Zij allen verschillen onderling, in taal, gebruiken en wetten.
De rivier de Garonne scheidt de GalliŽrs van de Aquitani. De Marne en de Seine scheiden hen van de Belgen.

Van al deze stammen zijn de Belgen de dappersten, omdat zij het verst verwijderd zijn van de materiŽle en geestelijke beschaving van de Provincia, en omdat helemaal niet dikwijls kooplieden naar hen gaan, die dingen invoeren, die leiden tot het week maken van de geesten.
Een derde reden is omdat zij het dichtst wonen bij de Germanen, die aan de overkant van de Rijn wonen, en met wie zij voortdurend oorlog voeren.
Daarom overtreffen ook de HelvetiŽrs de overige GalliŽrs in moed, omdat zij in bijna dagelijkse gevechten met de Germanen strijden, wanneer ze hen van hun eigen gebied weghouden of zelf in het Germaans gebied oorlog voeren.