Latijn en Grieks.com
Latijn en Grieks.com
Latijn en Grieks.com

Via Nova > Boek 3

Hoofdstuk 1, Tekst 1: De eed van Hannibal

`Mijn vader Hamilcar', zei hij, 'offerde toen ik een jongetje was, immers niet meer dan negen jaren oud, als veldheer, vertrekkend vanuit Carthago naar Spanje, offerdieren aan Jupiter optimus maximus. Terwijl deze goddelijke zaak werd voltooid, vroeg hij aan mij of ik met hem naar het legerkamp wilde vertrekken. Toen ik dit graag geaccepteerd had en begonnen was te vragen om niet te twijfelen mij te brengen, toen zei hij: 'Ik zal het doen, als je mij het vertrouwen, die ik eis, zal geven.' Tegelijkertijd bracht hij me naar het altaar, waar het offeren begonnen was, nadat de anderen aanwezigen zich hadden teruggetrokken en haar (het altaar) vasthoudend, beval hij mij te zweren dat ik nooit in vriendschap met de Romeinen zal zijn. Die eed, die ik aan vader gegeven had, behield ik tot aan deze leeftijd zo, dat niemand eraan hoeft te twijfelen dat ik in de toekomst dezelfde overtuiging zal houden. Daarom, als je iets vriendelijks zal denken over de Romeinen, zal je niet onverstandig doen, als je het voor mij verbergt; maar wanneer jij een oorlog zal voorbereiden, zal jij jezelf misleiden als je mij in deze oorlog niet als leider kunt zetten.'